Preek over het 4e nachtgezicht van Zacharia
| Preek over het 4e nachtgezicht van Zacharia |
|
|
|
|
PREEK OVER HET 4E NACHTGEZICHT VAN ZACHARIA Capelle, 2 november 2008 C.van Dusseldorp Liturgie: Vooraf: oefenen Ld.110:1 Votum en vredegroet Ps.65:1,2 Wet Ld.435:4,5 Gebed Schriftlezing: Zach.3 Korte uitleg voor kinderen met beamerplaat Ps.32:1 Schriftlezing: Kol.2:12-15 Openb.7:9-17 Ld.110:1-4 Preek over Zach.3:3-5 Ps.48:1,3 Gebed Collecte Gz.142:1,2 Zegen Gemeente van Christus, ** een visioen: een kijkje in de hemel In de afgelopen week liep ik op een avond laat naar huis. Van het metrostation Capelsebrug naar ons huis, dan loop je over het wandelpad langs geluidswal bij de Van Rijckevorsel. Een behoorlijk donker stuk. Maar het was een heldere en koude nacht. Wandelen ontspant. Allerlei gebeurtenissen en plannen gingen door mijn hoofd. Ik was druk bezig geweest met allerlei zaken voor de gemeente, voor de kerkenraad en voor het kerkverband. Toen viel mijn oog op de prachtige sterrenhemel. En de vraag drong zich aan me op: hoe zou er in de hemel, bij de Here God, eigenlijk gekeken worden naar al onze activiteiten? Naar al onze drukte, al onze inspanningen en naar al die dingen die wij mooi vinden, of waar we ons zorgen over maken. In het persoonlijke leven, in de samenleving, maar meer nog in het kerkelijk leven? Hoe zou in de hemel gepraat en gedacht worden over al die dingen van onze aarde? Wat zou het oordeel van de Here zijn? Welk patroon zou Hij ontdekken? Hoeveel invloed heeft de hemel eigenlijk op de aarde? En welke gevolgen hebben onze menselijke activiteiten voor het werk van de geestelijke krachten? Misschien vraagt u zich dergelijke zaken niet af als u in het donker naar huis loopt. Ik meestal ook niet. Maar wel als je bezig bent met het nadenken over een profetisch visioen. Zoals voor mij deze week door de voorbereiding van de preek over het 4e nachtgezicht van Zacharia. Want dat is toch een visioen: dat je een kijkje in de hemel krijgt. Het is geen droom of een projectie van je verlangens of angsten. Het is geen ervaring van extase of vervoering door geestverruimende middelen. Het is geen vlucht uit de werkelijkheid van alledag. Het is een visioen: je mag even aan de andere kant van de werkelijkheid van alledag kijken. Een blik achter de schermen werpen. Even kijken naar de bovenkant van het borduurwerk, zoals sommige mensen graag zeggen. Meestal is dat onmogelijk, maar soms gunt God een van zijn dienaren zo’n blik achter de schermen. Zoals zijn profeet Zacharia, die acht visioenen kreeg en ze mocht vertellen aan Gods volk. Soms zijn het foto’s met bijzondere mensen en attributen. Soms zijn het stukjes video, waarin mensen op elkaar reageren. Die visioenen hebben natuurlijk allereerst betrekking op zijn tijd en zijn omstandigheden. Maar ze zijn ook veelzeggend voor ons vandaag. Voor ieder, die wel eens om het hoekje in de hemel zou willen kijken. ** het 4e visioen laat een probleem zien Het is natuurlijk de vraag of je wel wilt weten hoe er in de hemel tegen ons wordt aangekeken. Dat zou best een schokkend beeld kunnen zijn. Zo is het tenminste wel in het 4e nachtgezicht van Zacharia. Dat visioen laat een probleem zien. De profeet ziet de hogepriester Jozua. Voor ons is dat een behoorlijk onbekende hogepriester. Aäron kennen we veel beter, of Kajafas. Maar er is dus ook ooit een hogepriester geweest met de naam Jozua, de hebreeuwse versie van de naam Jezus. Een BI-er, een bekende Israeliet. Co-directeur van het project terugkeer Israël en directeur van het project tempelbouw en tempeldienst. Een man met veel gezag, met veel mogelijkheden en met veel aanzien. De mensen hadden het nodige respect voor hem, zowel vanwege zijn functie, als vanwege zijn verdiensten voor land en volk. Met wie zou je hem kunnen vergelijken? Met kroonprins Willem-Alexander? Met vice-premier André Rouvoet? Op dat niveau mogen we Jozua wel plaatsen. Over die Jozua gaat dit visioen. En over die Jozua laat dit visioen een groot probleem zien. Probeer je eens voor te stellen: De profeet Zacharia staat ergens op een marktplein in Jeruzalem, of het tempelplein en vertelt wat hij gezien heeft: ‘Ik zag de hogepriester Jozua.’ De mensen knikken: ‘Die kennen we en waarderen we.’ ‘Hij stond voor de engel van de Heer’. ‘Zie je wel,’ denken de mensen, ‘altijd al gedacht. Onze man heeft toegang tot de hemel. Mooi plaatje, Zacharia.’ Maar dan volgen er drie schokkende uitspraken: ‘De satan had een lange lijst beschuldigingen tegen hem. Jozua zag er zelf ontzettend smerig uit. En de Here noemt hem brandhout.’ Dat moet een geweldige schok hebben gegeven. Het zal je maar publiek gezegd worden. Over Willem-Alexander. Of over André Rouvoet. ‘Het is brandhout.’ Beledigend genoeg om er een rechtszaak van te maken, denk ik. Schokkend niet alleen voor Jozua zelf, maar ook voor het volk. Want de hogepriester bewaarde het geheim van de omgang met de Here God. En de hogepriester verpersoonlijkte het volk bij God. Hij is brandhout. Zo laat dit visioen een groot probleem in de hemel zien. En hemelse problemen hebben altijd gevolgen voor het aardse leven. ** is er toekomst te verwachten? Ik moet even een pas op de plaats maken. Hemelse problemen hebben gevolgen voor het aardse leven, zei ik. Maar daaraan gaat iets anders vooraf: hemelse problemen weerspiegelen altijd de aardse situatie. Niet in de hemel zelf, maar in de aardse situatie ligt de oorzaak van het probleem. Het beeld van een vieze hogepriester laat iets zien van de kloof tussen de beloften die God heeft gedaan en de werkelijkheid. God heeft prachtige dingen gezegd. Er is toekomst voor het volk. Iedereen wil er graag bijhoren. De Here zelf zal er wonen. En vanuit Sion zal het heil over de aarde stromen. Dat zijn de toezeggingen van God. Maar wie zijn ogen opendeed en om zich heen keek, zou verbaasd zijn wenkbrauwen optrekken. ‘Is er zo’n toekomst voor dít volk? Met haar geschiedenis van eigenzinnigheid, trots, onrecht en ontrouw? In haar kleinheid en zwakheid van dat moment? Met haar schraalheid in geloof, vertrouwen en toewijding? Hoe kun je reëel verwachten dat dit vuile volkje Gods glorie draagt? Kan God met deze mensen zijn plannen uitvoeren?’ Die spanning voelden de mensen allemaal. Maar ze leefden er graag aan voorbij. Het beeld van de vieze hogepriester zet hen stil. Begrijpt u de spanning in het visioen? Nee, nog niet helemaal? Nog één keer dan: God heeft geweldige beloften gedaan. Maar de schouders van Israël zijn toch veel te smal om dat waar te kunnen maken? Kijkt God niet met een veel te roze bril naar zijn volk? In werkelijkheid is het een gemarginaliseerd, verzwakt en moedeloos clubje mensen, die ook vanwege hun verleden helemaal niet bij God passen. De hogepriester is vies. Het volk is smerig. Misschien helpt het als ik de lijn doortrek. Want het is een vraag die ook heel direct mij en u raakt. God heeft prachtige dingen over de kerk gezegd. Bruid van Christus en zo. Maar moeten wij met elkaar dat waarmaken? We kennen onszelf. Trage mensen, snel op de tenen getrapt, soms met veel wantrouwen naar elkaar, met weinig zichtbaar enthousiasme voor de Here Jezus. Of voelen we die spanning niet, omdat God toch alle dingen goed zal maken… God heeft geweldige beloften aan jou gedaan. Christus zal in je wonen en je tot volmaaktheid brengen. Maar kunnen die beloften ooit aan mij vervuld worden? Ik heb vaak nog maar zo weinig ruimte voor Christus in mijn leven. En dat ik een plek in Gods glorie ontvang, dat is natuurlijk wel mooi om te horen, maar in die glorie van God pas ik toch helemaal niet? Met mijn vuile handen kan ik toch niet in de troonzaal komen? Of voel je die spanning al helemaal niet meer, omdat we onszelf wel redelijk netjes vinden… Of omdat we vergeving eigenlijk wel vanzelfsprekend vinden… Het probleem in de hemel legt een probleem op aarde bloot. ** brandhout ‘Brandhout,’ zegt God van Jozua. De vuile kleren van de hogepriester verbeelden zijn schuld. Niet zozeer zijn persoonlijke, individuele schuld voor God. Meer de schuld van het volk. De schuld die geleid had tot het oordeel van God in de ballingschap. De schuld die nog doorvrat in de belabberde omstandigheden in Israël. De hogepriester kan niet geloofwaardig de dienst aan de Here leiden. Het volk kan niet geloofwaardig drager van de beloften zijn. Ze hebben vieze handen gemaakt. En met vieze handen kom je niet bij de Here binnen. Ik vroeg mezelf en u zojuist of we die spanning nog wel kennen. De vraag of we wel passen bij God. Of beter gezegd: of we de overtuiging kennen dat wij niet passen bij God. Dat wij zoals we zijn, niet in de hemel kunnen binnenkomen. Want deze Jozua komt in ons allemaal terug. Als hogepriester vertegenwoordigt hij het hele Godsvolk. En bovendien hebben wij allemaal een priesterlijke taak van God. In de omgang met God, in het offeren van ons leven aan de Here, in het bidden en zegenen van de mensen om ons heen. Christen zijn, niet alleen maar als aanduiding, maar werkelijk in de praktijk. Dat kunnen we niet. Daar zijn wij niet geschikt voor. Er is altijd wel iemand die met reden kan zeggen: ‘Joh, kijk naar jezelf. Je doet zelf niet wat je zegt. Houd alsjeblieft je mond.’ De tegenstander gebruikt ons geweten om ons aan te klagen. Om ons te herinneren aan wat we verkeerd hebben gedaan. En hij heeft gelijk. Wij lopen allemaal in smerige kleren rond. En moeten erkennen: wij zijn niet geschikt om de Here te dienen. Wij zijn niet de juiste mensen aan wie God zijn beloften vervullen gaat. Wij kunnen het evangelie, het goede woord van God, nooit op een zuivere manier doorgeven. Wij kunnen de zorg van Christus niet op dezelfde manier als Hij bewijzen, want belangeloos en vrij van egoïsme is onze liefde eigenlijk nooit. Wij kunnen het recht van God op aarde niet te volle dienen, want wij blijven deel uitmaken van onrechtvaardige systemen en verhoudingen. Wij kunnen de aarde niet zorgvuldig beheren, want we zijn ondertussen gewild en ongewild bezig om die te vervuilen. Daarvoor hoef je jezelf niet eens heel erg fout en schuldig te voelen. Het zijn de feiten van ons leven. En dat is een probleem. God wil niet dat iemand met vuile handen het heiligdom ingaat. Brandhout. Vieze kleren. Aanklachten van de satan. Dat is werkelijk de situatie. En het mogen zijn in Gods nabijheid staat daardoor onder druk. De vervulling van Gods belofen is daarmee onmogelijk. De toekomst van ons leven loopt dood op onszelf. Zo maakt dit kijkje achter de schermen ons duidelijk. En dat is geen klein probleem. ** en toch verzoend Maar dit is niet het laatste woord. Gods genade is groter. Want het vervolg is niet, dat deze hogepriester uit de hemel verwijderd wordt. Daar is het de satan natuurlijk om te doen. Geen mensen in de hemel. Het zou ook een logisch vervolg zijn. Maar er gebeurt iets anders. ‘Trek hem de vuile kleren uit. En doe hem een feestelijk gewaad aan.’ God zelf neemt het initiatief over. Uit liefde voor zijn volk. Vanwege zijn keus voor Jeruzalem. En of die hogepriester nu geschikt is of niet, God maakt hem geschikt. Of deze mensen nu vies zijn of niet, God maakt ze schoon. Of ik nu pas bij de Here of niet, God maakt mij passend. Zijn genade is groter. En zijn kracht. Daar staat de hogepriester. Met nieuwe kleren aan. Feestelijke kleren. Met ook nog eens een nieuwe tulband om als teken van zijn functie. Van God ontvangen. Jozua heet hij: de Here redt. Ondanks zichzelf. Niet meer met vieze kleren en vuile handen. Schoongewassen mag hij binnengaan. Niet van zichzelf, maar door Gods ingrijpen. Zoals de apostel Paulus in Kol.2 zo prachtig uitwerkt hoe dat door Jezus Christus gebeurt. Gods genade is groter: hij verzoent het leven van mensen door Jezus Christus. De oplettende lezers hebben het misschien wel gemerkt. Ik heb nog iets overgeslagen. Want God zegt over Jozua: hij is een brandhout dat uit het vuur is weggerukt. En dat is het evangelie. God heeft dat brandhout niet overgegeven aan de vlammen. Hij is gered van het oordeel. De satan wordt door de Here het zwijgen opgelegd. De aanklachten waren terecht. De spanning zit er ook blijvend in. Maar die rekent niet met Gods genade. Toch mag hij hogepriester zijn. Toch mag ik christen zijn. Met God spreken. Met anderen spreken over God. Dat is verzoening. Er is geen tolerantie bij de poort. Beetje vuile handen mag, of zo. God knijpt een paar oogjes dicht. Nee, er is werkelijke verzoening. Er gaan volmaakte, heilige, rechtvaardige mensen naar binnen, schoon en met een vrij geweten. Mensen als Jezus Christus. Die zich met Hem hebben bekleed. Want de Here redt. Niet de vraag of ik geschikt ben, of ik het kan, maar wat de Here geeft en vraagt. Gods genade is groter. God kijkt anders. En handelt anders. Beslissend is niet of je wel geschikt bent. Beslissend is of je helemaal schoon bent. En daar zorgt de Here voor. Met de nieuwe kleren van de Here aan. Met de Here zelf aan. ** weg van verzoening is weer open Het herstel van de hogepriester Jozua betekent nogal wat. Dat hij toch hogepriester mag blijven. Toch zijn dienst mag uitvoeren. Toch in de hemel een plek blijft houden. Dat God zo verrassend het initiatief overneemt, heeft grote gevolgen. Dit visioen maakt duidelijk dat wat er in de hemel gebeurt, verschil maakt op aarde. Kijk eerst maar mee naar die hogepriester. Herstel van Jozua betekent het herstel van de tempeldienst. Een geloofwaardige en voor God aangename tempeldienst. Jozua mag wel degelijk de omgang met de Here houden en voor Gods aangezicht komen. Hoe vies hij ook was. Voor het volk is wel degelijk toekomst. Hoeveel schuld ze ook hadden. De beloften van de Here worden echt vervuld. Hoe weinig het er ook op lijkt. Dat begint met deze Jozua heel concreet: weg van verzoening wordt voor Israël weer geopend. Hij mag hogepriester blijven. De komende tempeldienst – hoe bescheiden ook – biedt wel degelijk de echte omgang met de Here. Offers – hoe beperkt ook – worden door de Here gezien en aanvaard. Die genade van God is geborgd in de Messias, die wij kennen als Jezus Christus. Zacharia mag horen hoe de Here hem aankondigd. Als zijn dienaar, de telg aan de stam van David. Die verzoening mogelijk zal maken. Zacharia mag het ook horen in de belofte van de steen, waarop zeven ogen rusten. Gods ogen, de volheid van zijn Geest. God gaat een steen neerleggen. Er zijn veel verklaringen voor gegeven. Sommigen: éne fundament Christus. Anderen: steen symboliseert berg Sion. In alle gevallen: de Here geeft op aarde een plek waar verzoening gezocht en gevonden kan worden. Hier Jozua type van Christus. De wég van verzoening is door God weer geopend. Voor Israël in het herstel van de dienst van de hogepriester. Zodat het volk die weg kan gaan. Voor ons in Jezus Christus. Zodat wij bij de Here mogen komen. Ondanks onszelf, maar door de nieuwe kleren van Christus. Verzoening is geen schakelaar die je on of off kunt zetten. Verzoening is een weg. Die weg is nog open hier op aarde. Ga die weg dan ook. Persoonlijk en serieus. Zorg dat je hoort bij die menigte uit Openb.7, die witte kleren aanhebben door het bloed van het Lam. Dat betekent: je schuld beseffen en belijden. om vergeving vragen, Gods genade zoeken. Elke keer opnieuw. In het Avondmaal. Maar ook op andere momenten. ** tegelijk leven vanuit verzoening Nu ligt er één risico in dit verhaal. Als God het allemaal doet en als je zelf niets in te brengen hebt. Dan wordt je als mens passief. Je kunt je beter niet met de verzoening bemoeien. Wat wil je nog? Toch is dat een misvatting. Een gevaarlijke. Verzoening maakt nooit passief. In visioen wordt ook verder gekeken. Vanuit de verzoening kun je leven en word je ingezet. Zacharia mag horen dat niet alleen Jozua, maar dat het hele tempelgebied gereinigd wordt. Het hele leven komt open te liggen. Jozua krijgt een opdracht. Wat hij zo graag wilde: de Here dienen als hogepriester. Gods volk dienen als hogepriester. Hij krijgt het als opdracht weer terug. En het heeft waarde. Vanuit de verzoening kan hij verder. Met zijn werk, met zijn leven. Alle gelovigen zijn priester. Ons leven is een offer. Je gebeden, je zingen, je woorden en je daden. Het dagelijks leven wordt liturgie. Dat wil je graag door Gods Geest. Daarvoor krijg je de ruimte door Gods Zoon. Daarvoor krijg je de opdracht door God zelf. Verzoening herstelt het ambt en de dienst. Ieder op zijn of haar eigen plaats. Je kunt weer leven. En je leven krijgt waarde. Met de opdracht en de voorwaarde om trouw te zijn in de dienst. Daar zijn nog weer nieuwe beloften aan verbonden. Wie op aarde niet trouw is, zal zich in de hemel niet thuisvoelen. Verzoening maakt ruimte om aan het werk te gaan. Je dienst uit te voeren. ** verdere beloften Zou je wel eens willen weten hoe ze in de hemel aankijken tegen alles wat er op aarde gebeurt? Zou je wel eens een kijkje in de hemel willen nemen? En Gods beoordeling van je leven te zien? Zo begon ik de preek. Een visioen is een kijkje in de hemel. Opnieuw een visioen van hoge intensiteit. Het echte probleem wordt duidelijk: wij zijn niet geschikt. We passen niet bij de Here. Meekijken met het visioen brengt daarom eerst in de crisis. Maar vandaaruit krijg je oog voor de verrassende genade van God. Er is verzoening, door God gegeven in Jezus Christus. En vanuit die verzoening krijgt je leven ruimte. Het bijzondere is dat dit visioen ook weer uitkomt in de hemel. Luister maar: Jozua, als je je ambt trouw uitvoert en ook als mens naar Gods wil leeft, dan zal ik je opnemen in deze kring. Omgang met de Here. Bij het hemels overleg betrokken. Kijkje in de hemel? Inbreng in de hemel! Gebeden. Ze spelen een rol. Wat wij bidden en doen, heeft gewicht voor God. De Here betrekt zijn kinderen bij zijn regering van het leven. Zo begin van vrede en harmonie. Waarin je graag anderen laat delen. Elkaar uitnodigen onder wijnrank en vijgeboom. Gastvrij gemaakt door de verzoening van de Here. Hoe zou er in de hemel naar onze activiteiten gekeken worden? Det brengt eerst in de crisis, maar vervolgens geeft het ook ruimte. Om te leven in de vrede en vrijheid van Christus. Vrede om te zwijgen en te spreken. Vrede om te bidden en te werken. Vrede om te leven en te sterven. Amen |



